Reizigers denken vaak dat pinnen in het buitenland vooral een kwestie van gemak is, maar in sommige landen is het vooral een verdienmodel van banken en ATM-exploitanten.
Duurste landen om te pinnen
Even cash halen in het buitenland kan flink in de papieren lopen. Niet alleen rekenen sommige geldautomaten een vaste toeslag per opname, ook wordt toeristen vaak een slechte wisselkoers aangesmeerd. Vooral in landen waar veel reizigers nog contant
geld nodig hebben, lopen de
kosten snel op.
Wie geld pint, kan met twee soorten kosten te maken krijgen: een zichtbare toeslag van de geldautomaat zelf en een verborgen opslag via een ongunstige wisselkoers. Dat laatste gebeurt vooral als je op het scherm kiest voor afrekenen in euro’s in plaats van in de lokale munt, een truc die bekendstaat als dynamic currency conversion, of DCC.
De grootste pinvallen
Thailand is al jaren berucht onder reizigers. Vrijwel alle geldautomaten rekenen daar een vaste toeslag voor buitenlandse kaarten, meestal rond 200 tot 220 baht per opname, waardoor kleine bedragen opnemen extra duur wordt.
Ook IJsland en Turkije staan hoog op de lijst van dure pinlanden. Volgens een overzicht van Wise kwam IJsland uit op gemiddeld 4,6 procent aan opnamekosten en Turkije op 3,59 procent, terwijl Travel-Dealz voor IJsland ATM-kosten van 155 tot 300 kronen noteert.
In Zuid-Korea, de Malediven en Vietnam kunnen de kosten eveneens stevig oplopen. Wise berekende gemiddelde opnamekosten van 2,51 procent in Zuid-Korea, 2,42 procent in Thailand, 2,36 procent op de Malediven en 1,74 procent in Vietnam.
Buiten Azië springt ook Argentinië eruit. Volgens dezelfde analyse is Argentinië zelfs het duurste land ter wereld voor buitenlandse reizigers die cash opnemen, met gemiddeld 12,21 procent aan kosten per transactie.
Europa is niet altijd goedkoop
Veel reizigers denken dat pinnen in Europa veilig en goedkoop is, maar ook hier zitten addertjes onder het gras. In
Griekenland worden regelmatig toeslagen van 2,50 tot 3 euro genoemd, in
Oostenrijk lopen sommige ATM-fees op tot bijna 5 euro en in
Albanië worden bedragen van 350 tot 700 lek gemeld.
tZelfs in landen waar veel bankautomaten gratis zijn, zoals Frankrijk en Duitsland, zijn er uitzonderingen. Vooral onafhankelijke ATM-netwerken en automaten op luchthavens of in toeristische centra rekenen vaker extra kosten of proberen je via DCC een slechtere koers te laten accepteren.wise+1
De verborgen wisselkoers-truc
De gemeenste kostenpost is vaak niet de zichtbare ATM-fee, maar de wisselkoers op het scherm. Wie kiest voor “afrekenen in euro’s” geeft de buitenlandse automaat toestemming om zelf de valutaconversie te doen, en dat pakt meestal slecht uit.
Wise stelt dat
ATM’s en betaalterminals bij zo’n conversie vaak een forse opslag verwerken. Uit onderzoek van Wise blijkt dat kaartgebruikers bij zulke omzettingen vaak 6 tot 13 procent meer betalen dan wanneer ze gewoon de lokale valuta kiezen.
Zo voorkom je onnodige kosten
- Kies altijd voor de lokale valuta en nooit voor euro’s op het scherm.
- Vermijd losse ATM-netwerken en gebruik liever een automaat van een gewone bank.
- Neem liever één groter bedrag op dan meerdere kleine bedragen in landen met vaste opnamekosten.
- Controleer vooraf of je eigen bank nog extra buitenlandse transactiekosten rekent.